Nijntje en een stout konijntje, part II

In vorige post hebben wij de oppositiezaak besproken die Mercis, het bedrijf achter Nijntje, indiende tegen een ander lief konijntje.

Deze oppositie werd deels gewonnen. Maar Mercis slaagde erin niet in om de bekendheid aan te tonen waardoor het betwistte konijntje wel werd geaccepteerd voor seksspeeltjes. Daar laat Mercis het niet bij zitten en dient een beroep in.

Nijntje niet bekend? Dacht het wel, moet de beroepsinstantie gedacht hebben. In ieder geval erg bekend in Nederland. De beroepsinstantie ziet dus wel een grote bekendheid van Nijntje terug in het bewijsmateriaal. Nijntje is zelfs onderdeel geworden van het cultureel erfgoed, aldus de instantie. Het merk is uniek en een ‘iconic masterclass in minimalism’. Lovende woorden dus.

Gelet op deze bekendheid, de overeenstemming, en een link die het relevante publiek kan maken, doet een dergelijk merk voor sekspeeltjes in hoge mate afbreuk aan het merk Nijntje. In hoger beroep wordt de oppositie alsnog volledig toegewezen en wordt de aanvraag afgewezen.

Goed nieuws voor Mercis dus. Een bijkomend voordeel is dat een hogere instantie de bekendheid van Nijntje in krachtige woorden heeft erkend.

Vorige
Vorige

Een hanengevecht

Volgende
Volgende

Wanneer is er sprake van merkinbreuk?